Hallo vriend! Hier zijn we weer. Tijd voor een flinke update, ik hoop dat we zover komen dat we weer helemaal bij zijn. Misschien soms wat kort en krachtig, maar er moeten natuurlijk ook wat sappige details overblijven om met veel gebaren en een heftige gezichtsuitdrukking in levende lijve tot jullie te brengen.
We gingen dus naar Zanzibar. 's Morgens vroeg (halftien 's morgens was toen nog vroeg voor ons)pakten we de boot naar Stone Town. De reis verliep voorspoedig, en we hebben onderweg nog wel kans gezien om al een beetje een kleurtje te pakken (Nauli helaas maar voor de helft, rechts scharlakenrood). Aangekomen in Zanzibar werden we gelijk weer vriendelijk doch doortastend lastig gevallen door allemaal barmhartige samaritanen die voor een kleine vergoeding alles voor ons konden regelen. De meeste konden we afschudden, maar eentje liep met ons mee naar het hotel. Uiteindelijk niet vervelend, want we konden het hotel niet vinden en hij wees ons weer zo vriendelijk naar een leuk hotelletje wat eigenlijk helemaal nog niet zo slecht en duur was. Later op de dag hebben we nog even rondgewandeld door Stone Town, een stukje stad dat erg klein is maar doordat de straatjes krom zijn en niet breder dan twee meter (ik met mijn brede schouders kwam af en toe klem te zitten tussen twee muren) raak je erg makkelijk verdwaald. Leuk! Na een lange wandeltocht hebben we heel erg lekker Swahilis (Swahilies? Swahili?) gegeten en gingen we tevreden slapen. De volgende dag naar Kendwa!
In Kendwa verbleven we in het Kendwa Rocks-resort. Of de naam van het resort nou doelde op de niet aanwezige rotsen of op dat het daar zo leuk was. Het was daar in ieder geval erg leuk! Het water was warm, de zon was heet en de barmhartige samaritanen waren nauwelijks aanwezig. Lekker schelpjes zoeken en een beetje zwemmen. We wilden erg graag dolfijnen zien, en ons werd verteld dat als we een dagje gingen snorkelen er een kans van 85% was dat er eventueel tijdens het flipperen een flipper langs zou fliepen.
De dag snorkelen liep anders dan verwacht. Toen we opstonden was het winderig en fris (fris in Zanzibar!?) en dat was het op de boot nog steeds. Toen we aankwamen bij het koraalrif sprongen we het water in, en Nauli werd onmiddelijk gestoken door een kwal. Door de sterke stroming moesten we erg hard flipperen, en door de pijn en zware inspanning keerde Nauli wat vroeger terug naar de boot. Ik heb nog een paar mooie visjes gezien, en kwam op een gegeven moment nog boven een grote school tonijn terecht, maar al snel moesten we allemaal terugkeren omdat de stroming te sterk werd. We konden niet gelijk terug naar ons resort omdat we eerst nog op de duikers moesten wachten. Het was winderig en koud. Er was geen dolfijn te bekennen.
Hongerig naar wild waren we! Zo komt het dat we nadat we een paar dagen in Zanzibar vastzaten besloten een last-minute safari naar het Selous Game Reserve te boeken. Een beetje duur, maar desalniettemin een groot succes! We vertrokken dinsdagochtend vroeg naar het vliegveld van Zanzibar waar we met een minivliegtuigje via Dar es Salaam naar een airstrip midden in het reservaat werden gevlogen. De vliegtuigjes waren zo klein dat je de haartjes op de rug van de piloot kon tellen! De piloot had overigens wel een shirt aan, er kwamen gewoon wat haartjes bovenuit.
En daar kwamen we aangevlogen. Ons vliegtuigje scheerde over het ruwe terrein van het reservaat. Uit het raam spotte Nauli al gelijk een paar giraffes die beneden over de vlakte liepen. Ik zag eerlijk gezegd geen reet (ik zat in het midden), maar om maar niet bij Nauli achter te blijven was ook ik door het dolle heen. We landden op een stukje gras vlak naast de Rufiji-rivier, en werden daar begroet door onze gidsen Davis en Abu (Alles hier is gelinkt aan Disney). In een enorme, open 4WD gingen we gelijk op safari, en reden we langs enkele takken van de Rufiji waar het wild regelmatig zou drinken. Wij verwachtten een beetje door de bosjes te rijden en eens in het uur een beestje te zien. Maar wat hadden wij het fout! Binnen het uur hadden wij al impala's, giraffes, bavianen, zebra's en wildebeesten gezien. En nog veel meer soorten flora en fauna. Maar er kwam nog een kers op de taart! Aangekomen in het kamp werden we ontvangen met een drankje in een cocktailglas (dat er geen alcohol inzat vond ik niet eens jammer!) en werden wij na een voortreffelijke lunch naar onze tenten gewezen. Wij hadden een eigen megatent met stromend water, een warme douche en een king-size bed. Maar het beste van alles was het uitzicht op Lake Manze, waar op de voorgrond bavianen op hun palmvruchtjes zaten te knabbelen, iets verder wat impalas aan het drinken waren en nog verder het uitzicht zich kilometers ver uitstrekte, met zo nu en dan een nijlpaard of een olifant ofzo. Wij hebben vele vreugdekreetjes geslaakt!
Die namiddag deden wij een bootsafari. In een piepklein bootje gingen wij met twee anderen een zijtak van de Rufiji op. Onze gids liet het bootje langzaam door de rivier dobberen en gaf ons uitleg over alles waar we vragen over hadden. Als eerst zagen we veel interessante mooie vogels hun visjes vangen, maar al snel kwamen de eerste olifanten in zicht die of met hun grote flaporen, of dikke reet aan de waterkant stonden te grazen. Waar je ook keek was wel een klein krokodilletje te zien, en naarmate we verder de rivier opgingen kwamen we meer nijlpaarden tegen. Dat was nog best spannend; onze gids was niet bang uitgevallen en wilde nog wel eens expres over een net naar de bodem gezonken nijlpaard heen varen. Toen het begon te schemeren zijn we nog even gestopt voor een kleine plaspauze. Ook spannend, want de nijlpaarsporen waren vers en ons was verteld dat ze rond deze tijd wel graag aan land wilden komen! Maar ons vertrouwen in onze gids was groot en we hebben daar met succes geurineerd. Dat voelde toch als een kleine overwinning! Als klapper op de vuurpijl hebben we op de terugweg nog een prachtige zonsondergang bekeken. Wat is de zon hier groot!
Er stond weer een verukkelijk maal klaar bij tergkomst. We dineerden aan een lange uitgestrekte tafel in plaats van aan kleine aparte tafeltjes. Dat was erg leuk, want zo kwamen we meer in contact met onze andere kampgenoten en werd het een giga kletsboel! Maar wij en onze kampgenoten waren niet alleen...... Ook de honderden krekels en muggen waren wakker geworden en hielden met ze allen springwedstrijden, maar hadden helaas geen goed richtingsgevoel! Een krekel in m'n biertje, een bitsprinkhaan op Nauli's bord of in haar nek..Bij ons werden ons schrikspieren weer goed getraind! Toch zijn we tevreden naar ons luxueuze bedje gegaan. Eerst konden we de slaap moeilijk vatten (alle dierengeluiden waren vrij overweldigend, voornamelijk omdat ze extreem luid en ongelofelijk dichtbij waren), maar uiteindelijk hebben wij als roosjes geslapen..
De volgende ochtend zijn we vroeg met een walking safari begonnen. Dit op een lege maag.. rommelderommel! Weer was er een gids bij die ons uitgebreid uitleg gaf over alles wat we tegenkwamen en interessant vonden. Bomen, planten, bloemen, vogels, gebeenten, insecten, slangen en andere dieren, maar natuurlijk ook het allerbelangrijkste in de wildernis.... poepjes! Die zijn er namelijk ook in verschillende maten, vormen en geuren en hebben allen een andere inhoud.. Erg indrukwekkend! Als we door bossen liepen werd ons bevolen in een rijtje te lopen met de ranger -met z'n .357 olifantengeweer- voorop, wij in het midden samen met de gids en nog een extra gids er achteraan. We zijn nog een slang tegengekomen die Nauli meteen van dichtbij wou fotograferen, maar na een goeie close-up werd Nauli snel achteruit getrokken door de gids, want hij zou erg giftig zijn (Achteraf bleek dat niet zo.. gewoon een mooi zandslangetje). Voor de rest zijn we maar weinig gevaarlijke dieren tegengekomen, maar de walking safari was wel erg mooi en leerzaam! Uiteindelijk toch weer 3,5 uur door de wildernis gewandeld in de brandende zon, want die staat al vroeg hoog aan de hemel!
Na een stevig ontbijt konden we meteen alweer mee met een gamedrive. Maar dat lezen jullie de volgende keer, want we hebben slaap nodig voor onze bustocht van 40uur naar Zambia!